MIDI is een seriƫle techniek, de informatie wordt na elkaar verzonden.

In principe werkt de overdracht van MIDI zo snel dat je eigenlijk geen vertraging waarneemt. Speel je een paar noten tegelijk dan zullen deze in de praktijk na elkaar ten gehore worden gebracht. Hier merk je weinig van. Speel je bijvoorbeeld 50 noten tegelijk dan kan je wel enige vertraging opmerken.

MIDI-vertraging

Normaliter zal je geen last hebben van deze MIDI-vertraging als je alleen noten bespeelt. Zodra dit in combinatie met controller data wordt gedaan dan zal je wel tekens van vertraging merken. Daarom dien je in de praktijk de controllers alleen dan te gebruiken als je deze ook daadwerkelijk nodig hebt. Ook is het handig de aftertouch van je master uit te schakelen als je deze niet nodig hebt.

De betere sequencers hebben wel een gedeeltelijk oplossing hiervoor. Zij geven namelijk aan MIDI-noten de voorrang als er timing problemen optreden zodat je minder snel van hoorbare vertraging last krijgt.

MIDI-modes

Over het algemeen bevinden instrumenten zich standaard in Poly mode, dit is de stand voor algemeen gebruik. Sommige oudere instrumenten hebben juist als standaard de OMNI-mode. Naast deze twee instellingen zijn er eigenlijk in totaal vier verschillende MIDI modes aanwezig.

Mode 1: Omni on/Poly: in deze mode zal het instrument polyfonisch spelen waarbij MIDI-channel data wordt omzeild. Wat je ook verstuurt op welk kanaal, het instrument zal op alles reageren in dit geval.

Mode 2: Omni On/Mono: dit is de monofonische versie van Mode 1. In de praktijk zal het gebruik hiervan weinig voorkomen.

Mode 3: Omni Off/Poly: dit is eigenlijk de normale MIDI-mode, speciaal voor sequencer-doeleinden en of multitimbrale toepassingen. In Mode 3 zal een instrument alleen reageren op berichten op de eigen MIDI-channel en speelt polyfonisch.

Mode 4: Omni Off/Mono: dit is ook weer de monofonische versie van Mode 3. Mode 4 is voornamelijk voor MIDI-gitaar spelers bedoeld waar het nodig is dat elke string op een apart MIDI- kanaal komt. Hierdoor is het mogelijk om noten te benden of om vibrato toe te passen op onafhankelijke strings.

Elke string van een gitaar is monofoon, je kunt er namelijk alleen maar 1 noot per keer mee spelen. Daarom maakt het dus uit dat de ontvangende synth in Mono mode staat om echt gitaarspel na te bootsen.